Veel verschillende patiënten stromen dagelijks door de ziekenhuizen heen. Je hebt de makkelijke patiënten, die alles goed vinden, graag een praatje met de dokter maken en het niet erg vinden wanneer de poli een half uur is uitgelopen. Dan heb je ook de lastigere patiënten, die boos zijn op de gezondheidszorg, die niet willen luisteren naar leefstijl adviezen en die enkel in hun eigen internet onderzoeken geloven. De uiteenlopende types die je als arts tegenkomt, doen altijd wat met je, zowel in positieve als negatieve zin, hoe graag je ook neutraal wil blijven als medicus. Hoe kan je het beste omgaan met die gevoelens, zonder dat de arts-patiënten relatie in geding komt? Hoe blijf je respect houden voor de patiënt, als je voelt dat je gewoon even je hart moet luchten over een moeilijk gesprek? 

In mijn relatief korte tijd als co-assistent heb ik al redelijk veel momenten gehad waarbij ik mijn twijfels had over hoe artsen en andere zorgverleners met patiënten omgingen. Al is het hun niet helemaal te verwijten, denk ik dat er veel te leren valt door te reflecteren over zulke ervaringen. 

Wanneer ik poli samen met een arts loop in het ziekenhuis, introduceert de arts de patiënt aan mij voordat deze binnen zit, zodat we kort de problematiek kunnen bespreken met alle vakjargon, zodat de patiënt zich niet buitengesloten hoeft te voelen. Regelmatig krijg ik dan ook woorden te horen als: “oh, nu komt er echt een irritant vrouwtje.”

…Oké, ik had liever gehad dat je dat niet tegen mij had gezegd. Want hoe moet ik nu neutraal en onbevooroordeeld dit gesprek in gaan? Hetzelfde geldt voor de arts trouwens, omdat die eigenlijk al voor zichzelf invult wat er in het toekomstig gesprek gaat gebeurden: het gaat niet leuk zijn. En wat is daar dan het gevolg van? In mijn ervaring is het een self-fulfilling prophecy. Door te denken dat het consult vervelend gaat worden, reageer je anders op de patiënt, waardoor het consult juist een negatieve wending kan krijgen. 

Tijdens een recent consult maakte ik dat heel duidelijk mee. De arts had namelijk al gezegd dat de volgende patiënt niet fijn was om mee te praten. Toen de mevrouw binnenkwam, kreeg ik dat gevoel zelf niet echt. Maar wat me opviel was dat de arts meer kortaf en wat strenger was dan bij de andere patiënten die we die dag hadden gezien. Het leek wel alsof de dokter zo snel mogelijk van het gesprek af wilde zijn. Juist dat gedrag zorgde ervoor dat ook de patiënt geïrriteerd leek te worden. Zo kwamen we in een diepe negatieve spiraal waarbij het gesprek steeds vervelendere begon te worden, voor alle partijen. En het begon allemaal bij een aanname, die eigenlijk nergens voor nodig was. Ik ging zelfs uiteindelijk persoonlijk het gesprek aan met de patiënt, toen de arts een belletje tussendoor moest plegen. Toen zag ik alleen maar een prettige en open patiënt voor me, omdat ik zelf ook positiviteit probeerde uit te stralen. Mensen spiegelen zich aan elkaar. Negatief maakt negatief en vice versa. Lacht en de wereld lacht met je mee.

Een ander ding wat ik veel heb gemerkt tijdens mijn coschappen is dat zorgverleners vaak met elkaar praten over patiënten. En dan heb ik het niet over de noodzakelijke medische zaken, maar over de persoonlijkheid en andere intieme informatie van een patiënt. Ik schrok er echt van hoe veel er wordt geroddeld over patiënten in het ziekenhuis en hoe vaak er dingen worden gedeeld die eigenlijk gewoon geheim moeten blijven. Wanneer ik naar een dokter ga voor een probleem, verwacht ik absoluut niet dat 30 andere mensen ook opeens van die issues afweten. En de geheimhoudingsplicht maakt dit nog vele malen vervelender: patiënten komen er praktisch gezien nooit achter dat hun behandelaar over hun heeft zitten kletsen in de artsenkamer. Het gevoel wat ik kreeg toen ik deze cultuur voor het eerst meemaakte in het ziekenhuis was alsof ik terug op de middelbare school terecht was gekomen, waar iedereen zat te roddelen over wie met wie had gekust op het laatste schoolfeest. Het grootste voorbeeld wat ik heb meegemaakt dat hier te maken mee heeft, was toen een MDL-foto tijdens de ochtend-overdracht was laten zien van een patiënt die een voorwerp in zijn achterste had gestopt. Dat was blijkbaar interessant genoeg dat tientallen zorgverleners die niets te maken hadden met deze patiënt de röntgenfoto op hun eigen afdeling nog even hadden bekeken. Het was hét praatje van de dag. Waar is dat toch voor nodig? Je zou het zelf ook niet leuk vinden als mensen achter je rug slecht over je zouden praten, dus doe dat zelf dan toch ook niet. En zeker niet als je een arts-patiënten relatie hebt met die persoon. Een beetje meer professioneel mag denk ik wel. 

Dit allemaal gaat natuurlijk niet weg van het feit dat artsen ook mensen zijn (controversieel, ik weet het). Ik kan ook niet verwachten van artsen dat ze nooit even hun hart moeten luchten na een intens gesprek of dat ze even de stress van hun schouders af moeten schudden door luchtig een patiënt te bespreken. En automatische gedachten en gevoelens bij sommige patiënten zijn erg natuurlijk om te hebben. Belangrijk is wat je daar mee doet en wat het fijnst daarin is, is voor iedereen denk ik anders. Ik heb gemerkt dat een reflectie voor mij erg helpt. Tijdens mijn onderzoeksstage deed ik psychologische gesprekken met jongeren, welke erg intens konden zijn. De instantie waar ik de stage deed, hield na elk gesprek een korte intervisie met een psycholoog waarbij de vrijwilligers en stagiairs even alles op tafel konden leggen en moeilijkheden konden bespreken. Door deze aanpak werd er nooit gesproken over “deze persoon was moeilijk”, maar juist meer “ik vond het moeilijk”. Zo konden we wel knelpunten bespreken en leren van onze ervaringen, terwijl we wel eerbiedig blijven naar de patiënt. Naar mijn idee is dat een veel gezondere en meer respectvolle manier van praten over patiënten, waarbij er geen assumpties worden gemaakt over de patiënt. We zijn mensen, dus we moeten soms gewoon praten over patiënten om dingen te kunnen verwerken. Maar laten we bewust zijn van hoe we dat doen, en laten we dat dan vooral met respect doen.

Bedankt voor het lezen. 

Misschien ook interessant!