jasperDe hoge zomerzon kleurde het groene festivalterrein in Sittard een tint oranje. De bezoekers die elk minuut van de dag wilde meemaken druppelde al rustig de poorten van het terrein binnen. Ik liep ze zelf ook rustig achterna, terwijl ik mijn al bezwete EHBO-jas inruilde voor een koel wit t-shirt. “Dit belooft een drukke dag te worden”, dacht ik, terwijl ik omhoog keek naar de zon, die nu bijna in het midden van de hemel stond. Ik was werkzaam op een dance festival met maar een paar tenten, terwijl het buiten 35 graden was. Dat de organisatie veel omzet aan drank zou maken, wist ik wel zeker.

Ik maakte me een weg langs de hekken van het terrein tot de afgesproken opening, waar het geel van de ambulancewagens doorheen te zien was. Mijn post voor de komende 14 uur. Ik begroette mijn collega’s en was verheugd om twee ambulanceverpleegkundigen te zien. EHBO’er zijn is leuk, maar als geneeskundestudent zijn verpleegkundigen een bijna onuitputtelijke bron van kennis en inspiratie als het gaat om spoed. Mijn jeugdige enthousiasme werd al snel ingeperkt door het nieuws wat we kregen tijdens een briefing met de beveiliging. De organisatie had geen gratis water kranen opengesteld voor de bezoekers van het festival. “Geen water in dit weer?!” dacht ik bezorgd. Nog erger, alle bezoekers moesten hun eigen meegenomen flesjes weggooien bij binnenkomst. En het kon zelfs nog erger; vanwege discussies van de organisatie met verschillende gezondheidsorganisaties over deze kwestie mochten wij als externe EHBO’ers er geen uitspraak over doen tegenover de bezoekers. Maar, guess what, naar welke plek zou je gaan als je last hebt van de zon en je je niet met water af kan koelen?

We zagen die middag een record aantal hulpzoekenden. Alcoholintoxicaties, paniekaanvallen en verwondingen uit de periodieke “moshpits” waren geen uitzondering. Maar zoals verwacht waren de grootste klachten waar mensen mee kwamen dorst, en hoofdpijn door die dorst. In de middag kwamen er wel 10 mensen per uur langs. En die moesten we allemaal wegsturen zonder informatie. Dat werd ons niet in dank afgenomen. Ik voelde me op die momenten machteloos. Ik wist dat ik niet in het ongelijk zat, maar toch gaven de mensen ons volledig de schuld. Dat voelde natuurlijk niet fijn, omdat we hier toch juist voor hen stonden.

De zon begon inmiddels langzaamaan weg te trekken en eindelijk was het een leefbare temperatuur in Sittard. Met de zon verdwenen ook de meeste klachten over hoofdpijn en watertekort. Maar het leven op Aarde is in een constant balans, dus als iets weg gaat, moet er ook iets voor in de plaats komen. In dit geval was het drugs. En als we al dachten dat de mensen met hoofdpijn ondankbaar waren, dan hadden we deze mensen nog niet gezien. Mannen die kwaad op ons werden omdat ze hun zakjes niet terug kregen nadat ze die aan ons hadden gegeven, minderjarigen die duidelijk strak stonden maar blijven liegen waardoor we niet de juiste zorg kunnen geven.

In het midden van al die negativiteit sprong er voor mij een jongen bovenuit. Hij kwam al huilend de post binnen samen met een vriendin. Hij vertelde dat zijn relatie een aantal dagen voor het festival uit was gegaan en dat het hem allemaal een beetje teveel werd. De vriendin die mee was gegaan moest snel weer weg, want er werd een mooi liedje van haar favoriete DJ gedraaid. Iets in me zei dat zijn vrienden niet bepaald de beste steun en toeverlaat waren, dus ik gaf hem een glaasje cola en ging met hem in gesprek. Ik was voor hem totaal onbekend en daarom voelde hij zich op zijn gemak om over zijn problemen te vertellen. Hij zei dat hij er met niemand over kon praten, maar dat hij wel hierheen wilde komen als afleiding en dat alle drukte hem een beetje te veel werden. Ik dacht na over mezelf en kon dat goed begrijpen. Ik merkte dat hij was sneller begon te ademen en dat de cola in het glas via zijn hand begon te trillen. “Hij zal wel sterke emoties hebben”, schreef ik die symptomen naar af. Die gedachte duurde niet lang. Plotseling keek hij me aan, nu een strak wit gezicht en lichte angst, zei met een stokkende stem tegen me “oh, ik heb ook een hartritmestoornis” en viel daarna meteen van zijn stoel naar voren richting de grond.

Wat gaat er dan door je hoofd? Een razende onweers oceaan van gedachten klotste rond. Wat was hier aan de hand? Had ik dit aan kunnen zien komen? Ja! Het trillen en de hyperventilatie. Wat moet ik nu doen? Ik wist de jongen, nu helemaal slap, net op tijd op te vangen en met alle macht weer op zijn stoel te hijsen. Ik keek naar de verpleegkundetent en zag dat twee van de drie nog bezig waren met een onwel geworden man. “Eric, kom even snel alsjeblieft”, zei ik, tegelijkertijd professioneel proberend te blijven maar toch de urgentie aandringend. De commotie die ik maakte gaf een jumpstart aan de EHBO machine en al snel waren er meerdere collega’s die me hielpen de jongen naar de brancards te tillen. De professionals namen gelukkig snel over. Ik zag nog net de ECG elektroden uit de spoedtas tevoorschijn komen, toen de volgende persoon al brakend de post binnen kwam lopen. Ik dacht nog even na over de jongen en ik moest snel switchen.

Die avond kwam de jongen nog vaker bij ons. Hij was een keer flauwgevallen, hij had een keer overgegeven, hij had een keer zijn enkel verstuikt. Hij begon het praatje te worden van onze post. “Daar is hij weer hoor”, hoorde ik dan gefluisterd. Behalve de nodige onschuldige grapjes waren er ook serieuze zorgen over hem. Ook ik snapte niet waarom hij nog hier was, het was duidelijk een slechte plek voor hem. Maar toen dacht ik terug aan mijn gesprek met hem, dat hij zoveel verdriet heeft en zich alleen voelt. Toen snapte ik wel waarom dat hij ondanks al zijn problemen hier, toch hier bleef, waar al zijn vrienden waren.

Het was inmiddels bijna drie uur ‘s nachts en wij waren klaar om naar huis te gaan. Ik heb niets tegen welk genre muziek dan ook, maar als je veertien uur lang constante bass moet aanhoren, dan krijg je vanzelf wel een, tijdelijke, mening. Het was ook erg rustig op de post. De meeste mensen waren al naar huis gegaan om de menigte voor te zijn en de mensen die er wel waren, vonden het niet nodig om nog naar de EHBO te gaan. Vandaar ook onze verbazing om onze jongen weer terug te zien. Ik zag een paar collega’s hun ogen rollen naar elkaar. Maar hij kwam niet voor nog een kwaaltje. Hij kwam om zich te verontschuldigen voor het vele komen en om ons te bedanken voor het goede zorgen. Dat had eigenlijk nog niemand echt gedaan die dag. En toen wist ik dat ondanks zijn hartritmestoornis van alle bezoekers van het festival, hij het beste hart had.

Dit vind je waarschijnlijk ook leuk..
https://www.msvpulse.nl/serotonine-het-geheim-achter-je-roze-bril-en-vlinders-in-je-buik/